19 Weergaven
8 Downloads
Lees verder

Diagnostiek van dementie bij ouderen met een migratie-achtergrond vraagt om een specifieke aanpak. Zowel in het stadium voor, tijdens en na de diagnose dementie, kan de zorg verbeterd worden. Dat is de visie van Miriam Goudsmit, klinisch psycholoog, die op 21 december 2021 promoveerde aan de Universiteit van Amsterdam. Het proefschrift was getiteld: Cognitive screening of low educated and illiterate older minority ethnic patients in a memory clinic setting.

Dementie is één van de grootste gezondheidsproblemen van deze tijd. In Nederland en in Europa wonen steeds meer ouderen met een migratie-achtergrond. De incidentie van dementie bij deze groep zal stijgen door vergrijzing en specifieke risicofactoren zoals een laag opleidingsniveau. Wanneer deze ouderen naar de geheugenpoli komen, vormen de taalverschillen, culturele verschillen en het vaak lage opleidingsniveau of analfabetisme de grootste barrières voor goede neuropsychologische diagnostiek. In de huidige klinische praktijk is onvoldoende aandacht voor het overbruggen van de barrières in taal, cultuur en opleiding bij patiënten met een migratie-achtergrond.

Het doel van dit proefschrift was ten eerste om de diagnostische nauwkeurigheid van cognitieve screeningstests te verbeteren voor (laagopgeleide) ouderen met een migratie-achtergrond. We vonden dat de Nederlandse versie van de RUDAS en de IQCODE betrouwbare en valide screeningstests voor dementie zijn. De nieuw ontwikkelde Cross-culturele dementiescreening (CCD) is veelbelovend. De MMSE is minder geschikt voor deze groep.

Een tweede doel was het in kaart brengen van de symptomen en klinische kenmerken van ouderen met een migratie-achtergrond en het vergelijken hiervan met die van oorspronkelijk Nederlandse ouderen op de geheugenpolikliniek. We vonden dat ouderen met een migratie-achtergrond gemiddeld zes jaar jonger waren en ongeveer zes maanden langer klachten hadden voorafgaand aan hun komst naar de geheugenpolikliniek. Bovendien hadden zij iets vaker neuropsychiatrische symptomen, rapporteerden ze veel meer depressieve klachten en was er vaker sprake van diabetes mellitus. De hoge prevalentie van depressieve klachten en diabetes bij geheugenpoli-patiënten met een migratie-achtergrond is opvallend; of sprake zou kunnen zijn van een relatie met chronische stress of een synergistic epidemic (‘syndemic’) verdient nader onderzoek. De potentiële winst van preventieve maatregelen voor het verminderen van de incidentie van dementie is namelijk vermoedelijk groter voor ouderen met een migratie-achtergrond dan voor ouderen met een Nederlandse achtergrond.

De resultaten van dit proefschrift kunnen bijdragen aan tijdige en accurate dementiediagnostiek bij ouderen met een migratie-achtergrond en daarmee betere proactieve zorgplanning. Daarnaast doen we aanbevelingen voor het verbeteren van de toegang tot dementiediagnostiek en nazorg.

Het proefschrift “Cognitive screening of low educated and illiterate older minority ethnic patients in a memory clinic setting” is te downloaden op: https://pure.uva.nl/ws/files/66104119/Thesis.pdf